[hier kan eventueel tekst staan]
Vajèn
Hennie’s leven verandert drastisch wanneer haar dochter Vajèn met de progressieve erfelijke spierziekte Myotone dystrofie (MD) ter wereld komt. De zwangerschap leek aanvankelijk probleemloos, maar na een geplande keizersnede komt Vajèn slap en zonder te huilen ter wereld. Terwijl Hennie herstelt van de geboorte, wordt Vajèn naar een academisch ziekenhuis gebracht voor onderzoek. Drie uur later, bedrukt door ongerustheid, krijgt Hennie te horen dat haar pasgeboren dochter extreem ziek is en dat de diagnose MD een ernstige en ongeneeslijke aandoening is.
Na 42 uur sterft Vajèn in Hennie’s armen, wat een onomkeerbaar trauma en verdriet bij Hennie teweegbrengt. Ze beschrijft deze periode als een nachtmerrie en de weken erna als zwaar, gekenmerkt door rouw en verwerking. Ondanks haar verlies koestert ze de hoop op een gezin en na enkele jaren krijgt ze een tweede dochter, Livèn, die voor hen een wonder is. Hennie en haar man hebben ervoor gekozen om hun tweede dochter niet te laten testen op MD. Inmiddels zijn ze dankbaar dat ze een gezond kind hebben, terwijl ze het verdriet om Vajèn voor altijd met zich meedragen.